Ziekten bij Reptielen

Herkennen en voorkomen van ziekten bij reptielen:

Inleiding:
Het is niet eenvoudig om reptielen te houden als huisdier. De natuurlijke leefomgeving van de meeste reptielen is zo complex dat dit vrijwel nooit honderd procent na te bootsen is in een terrarium. Daarnaast is het zo dat er nauwelijks (wetenschappelijke) gegevens zijn met betrekking tot de voedingsbehoeften van reptielen. Met commerciële UV lampen, mineralenpoeders, voedseldieren en mooie terraria proberen we onze reptielen het beste van het beste te geven. Desondanks komen reptielen regelmatig voorbij op het spreekuur. Omdat we vaak dezelfde aandoeningen aantreffen willen wij op deze site ingaan op de meest voorkomende aandoeningen bij deze diersoort.

Aanschaf van een reptiel:
Voordat een reptiel wordt aangeschaft is het verstandig om veel informatie in te zamelen over de huisvesting, voeding en verzorging van de soort. Bronnen die hiervoor gebruikt kunnen worden zijn boeken, clubs en Internet. Internet bevat enorm veel informatie over reptielen. Bedenk wel dat iedereen verhalen op Internet kan zetten waardoor er ook veel onzin tussen staat. Een goede selectie is dus nodig. Eén ding is zeker, de verzorging van een reptiel kost veel tijd en veel geld.
Niet elke dierenarts heeft verstand van reptielen. Het is daarom nuttig, al voordat je reptiel ziek is, uit te zoeken waar een reptielendierenarts in de buurt zit.

Ziek reptiel, en wat nu?
Ga met een ziek reptiel altijd zo snel mogelijk naar een reptielendierenarts. Sommige reptielen zijn erg gevoelig en kunnen snel sterven zodra zij ziek zijn. Breng bij het dierenartsenbezoek ook altijd verse ontlasting mee.
Tijdens het consult zal de dierenarts allerlei vragen stellen (anamnese) over het reptiel. Hoe oud is hij? Hoelang is hij in bezit? Wat krijgt hij te eten? Hoelang is hij ziek? Het is van groot belang dat alle vragen eerlijk beantwoord worden om het reptiel zo goed mogelijk te helpen.
Na de anamnese volgt het lichamelijk onderzoek. Het reptiel wordt nauwkeurig onderzocht en ook de bek wordt geopend en bekeken. Dit is voor de meeste reptielen een stressvolle gebeurtenis, maar nodig voor de diagnose.
Na het lichamelijk onderzoek kan er vervolg onderzoek nodig zijn zoals bloedonderzoek, röntgenonderzoek, puncties en kweken.
De volgende ziektes komen regelmatig voor bij reptielen. Bij vroegtijdige diagnose en behandeling kunnen reptielen vaak nog goed herstellen.

Mondrot:
Mondrot is een infectie van de weke delen (gehemelte, tong, tandvlees) van de mond. Wanneer de mondrot niet behandeld wordt kan ook het kaakbot bij de infectie betrokken raken en breken. Mondrot is niet een primaire ziekte, maar komt secundair voor bij reptielen met een onderliggende ziekte. De slijmvliesbekleding van de mond is te rood en bevat vaak wit-gele aanslag. Ook kunnen er woekeringen van ontstekingsweefsel in de mond ontstaan.
Met een swab (soort wattenstaafje) wordt wat slijm en materiaal uit de bek genomen. Het materiaal wordt op kweek gezet om de bacteriën die bij het proces een rol spelen te identificeren. De behandeling van mondrot bestaat uit breed-spectrum antibiotica. De antibiotica soort wordt eventueel aangepast zodra de uitslag van de kweek bekend is. Het reptiel moet warm gehouden worden. De nachttemperatuur moet gelijk zijn aan de dagtemperatuur. Als het reptiel niet zelf eet moet hij gevoerd worden. In onze praktijk gebruiken wij Juvenile® van Harrison’s Bird Foods om te dwangvoeren. Het poeder kan één op één aangemaakt worden met water en via een spuitje worden toegediend in het bekje.
Omdat veel medicatie de nieren belasten moet het reptiel extra water krijgen.
Bij mondrot is het belangrijk om na te gaan waarom het reptiel ziek is geworden. Ga na of de huisvesting, voeding en verzorging wel optimaal is geweest.

Uitdroging:
Vocht is zeer belangrijk voor reptielen. Reptielen die langdurig te weinig vocht drinken zullen sterven als gevolg van nierfalen. Nierfalen is een veel voorkomende oorzaak van sterfte bij reptielen die als huisdier gehouden worden.
Uitdroging wordt meestal veroorzaakt door incorrecte watervoorziening. Veel kameleons bijvoorbeeld drinken niet uit een bakje. Druppelaars en sproeiers werken vaak wel.
Bij een uitgedroogd reptiel zijn de ogen ingevallen en de huid gerimpeld. Vaak zijn ze sloom en wil niet eten.
De dierenarts zal het reptiel infuus geven. Bij milde gevallen kan ORS (Oraal rehydratie zout) gegeven worden. De nierschade kan met bloedonderzoek aangetoond worden.
Ga in het geval van uitdroging na of de manier van waterverstrekking wel werkt. Drinkt de kameleon werkelijk uit de druppelaar of waterbak?

Luchtweginfecties en longontsteking:
Luchtweginfecties komen zeer veel voor bij reptielen. Meestal worden luchtweginfecties veroorzaakt door een te lage temperatuur in het terrarium of door stres (bv verhuizing naar een nieuwe bak). Het reptiel ademt met de bek open, heeft schuim uit neus en mond en soms zijn reutelende geluiden te horen. Wanneer luchtweginfecties langdurig bestaan kan longontsteking ontstaan. De behandeling bestaat uit antibiotica en optimaliseren van de temperatuur en vochtigheid in het terrarium.
Ga na of de temperatuur en vochtigheidsgraad in het terrarium overeenkomen met die van het oorspronkelijke leefgebied van het reptiel.

Gestoorde botstofwisseling:
Voor een normale botstofwisseling zijn calcium en actieve vitamine D (=vitamine D3) nodig. Vitamine D3 wordt gevormd in de huid onder invloed van UV licht. Calcium krijgen reptielen binnen via de voeding. Wanneer er langdurig te veel Vitamine D3 en kalk wordt toegediend bestaat er risico op verkalking van de weke delen en organen van het reptiel. Dit zien we bij reptielen waarbij overmatig commerciële vitaminen en mineralenpreparaten worden toegediend.
Bij een te kort aan UV licht wordt er onvoldoende Vitamine D3 gevormd en ontstaan dikke gewrichten, botbreuken, rubberkaak, spierzwakte en slechte coördinatie.
Om te voorkomen dat reptielen botstofwisselingsziekten krijgen is het nodig dat ze minimaal 12 uur per dag blootgesteld worden aan UV straling. De beste bron voor UV is de zon. Verder zijn er UV lampen te koop. De kwaliteit varieert enorm en de UV straling die de lampen afgeven neemt na enkele maanden sterk af. Daarnaast moet het voer voldoende vitamine D en calcium bevatten. Het toedienen van actief vitamine D3 is af te raden in verband met de kans op verkalking van de organen.

Tot slot:
Wanneer de dierenarts een bepaalde therapie instelt is het van belang dat je die therapie ook gevolgd wordt. Het toedienen van medicatie, vocht en voedsel zal stress opleveren voor het reptiel, maar het niet uitvoeren van de therapie zal meestal grotere gevolgen hebben.